Ze bloeien in stilte,
tussen stenen en roest
waar geen zon meer durft
en het water bitter ruikt.
Hun geur is herinnering-
niet aan lente,
maar aan verlies
dat zich vermomt als schoonheid.
Ze openen zich traag,
als monden vol geheimen,
en elke bladnerf
draagt de schaduw van verlangen.
Je plukt ze niet.
Ze kiezen jou.